Geraldine van de Vegte

“Ons werk gaat altijd over de kern van het leven. Je kunt voor iemand het verschil maken en helpt anderen. De mensen die zich laten omscholen voor een baan in de uitvaartbranche hebben vaak behoefte aan voldoening, in plaats van aan targets”, vertelt Geraldine van de Vegte.

Voor een bestaan in deze branche zijn een aantal eigenschappen belangrijk. Zo moet iemand de tijd kunnen nemen voor nabestaanden om bij hun gevoel te komen, zegt ze, zodat er beslissingen worden gemaakt vanuit het hart. “Oprecht kunnen luisteren is dus heel belangrijk, net als volle aandacht hebben voor anderen. In de uitvaartbranche ben je zelf het gereedschap om mee te werken.”

Opleiding

Hoewel die eigenschappen meestal niet zijn aan te leren en een opleiding niet verplicht is, heeft die volgens Van de Vegte wel veel waarde. Om te beginnen om pijnlijke fouten te voorkomen. Ze leidt mensen op tot laatste levensfasebegeleider, uitvaartbegeleider en ritueelbegeleider in haar bedrijf GaandeweG Uitvaarteducatie.

“Veel mensen komen eerst naar de informatiedag om te onderzoeken of het vak bij hen past. Is dat het geval, dan volgt er een intakegesprek dat dient als tweede schifting. Een training bestaat uit tien lesdagen en een afsluitend examen. Er is natuurlijk ook aandacht voor de praktijk. Voor het vak van uitvaartondernemer leer je bijvoorbeeld hoe je een overledene aankleedt, uit bed tilt en in de kist legt en ook hoe je naasten bij die onderdelen kunt betrekken.”

Gemotiveerd

De keuze voor omscholing en een baan in de uitvaartbranche is vaak een bewuste, weet Van de Vegte. “Het mooie daaraan is dat de mensen die zich aanmelden erg gemotiveerd zijn. Dat komt de branche, en uiteraard de klanten, alleen maar ten goede.”